HOME

Gereddenhotels

Wanneer de KNRM tegenwoordig geredden aan wal brengt, is er vaak al telefonisch opvang geregeld of is familie van geredden al onderweg om de mensen op te halen. Vroeger was dat heel anders. Als de reddingboot terugkeerde met schipbreukelingen was het vaak nog niet bekend of en hoeveel geredden er zouden komen. Meestal waren het opvarenden van een buitenlands schip en moest er eerst contact gezocht worden met de scheepsagent of de rederij, alvorens afspraken gemaakt konden worden over verder vervoer.

De reddingstations beschikten toentertijd nog niet over een boothuis met opvangmogelijkheden. Het was heel gebruikelijk dat het reddingstation contact had met een hotel in de buurt. De schipbreukelingen konden daar op verhaal komen, droge kleren krijgen en eventueel een bed als de opvang langer duurde.

Die hotels verwierven door de scheepsrampen lokaal en regionaal naam en faam. Om een aantal te noemen: Hotel De Schelde in Cadzand, het Wapen van Breskens, Hotel Bom in Haamstede, Hotel America in Hoek van Holland, Hotel Augusta in IJmuiden, Hotel de Boei in Egmond aan Zee, Hotel Nap op Terschelling en Hotel van der Werff op Schiermonnikoog. In Hoek van Holland en IJmuiden zijn rond 1920 korte tijd zelfs speciale Gereddenhotels geweest van Het Witte Kruis.

Tegenwoordig kunnen geredden tijdelijk opgevangen worden in het boothuis of bemanningverblijf. Daar is een douche en eventueel droge kleding. De vrijwillige reddingbootbemanning regelt over het algemeen, samen met het thuisfront, voor koffie, thee, soep, broodjes en contact met familie. Tenzij er sprake is van gewonden, slachtoffers of andere zaken die het noodzakelijk maken dat andere hulpdiensten zoals ambulance en politie het overnemen.
Maar overal en altijd geldt dat geredden kunnen rekenen op een warme en gastvrije opvang bij de KNRM.

DEEL DIT BERICHT