Ruud Koelman

Image

Wat er gebeurd was en wat er had kunnen gebeuren

Ongelukken zitten vaak in een klein hoekje. Het jacht waarop Ruud Koelman uit Kerkrade meevoer, strandde met slecht weer in de gronden, waarna hij door een breker overboord werd geslagen.
 
“Toen ik aan boord van de reddingboot lag, voelde ik een knoop opkomen van mijn navel tot mijn keel. Ineens besefte ik wat er was gebeurd. En wat er had kúnnen gebeuren.”
 
Ruud KoelmanVia internet kwam Ruud vijf jaar geleden in contact met schipper Bas. Die laatste zocht opstappers voor lange zeilreizen en Ruud werd verkozen. Deze keer bereidden ze zich voor op een reis met als eindbestemming Cuxhaven. Met z’n drieën. Na eerst een week door de Nederlandse wateren te hebben gezeild, wilden de mannen op 8 juni naar zee. “De weersverwachtingen waren goed. Acht beaufort, afnemend naar het oosten. Goed zeilweer!”
 
Eenmaal tussen de Waddeneilanden bleek de wind alleen maar toe te nemen. “We lagen geweldig te stampen; het was écht niet leuk meer.” Schipper Bas besloot hierop het schip te ronden en Vlieland aan te lopen. Voor de tocht over zee moest beter weer worden afgewacht. “Eenmaal op tegenkoers bleek onze motor niet tegen de zee opgewassen te zijn. We kwamen geen meter vooruit. Sterker nog, ik had stellig de indruk dat we achteruit werden weggezet. Voor mijn gevoel duurde dat een eeuwigheid, te meer daar ik nat en dus koud begon te worden.”
 
De drie zeilers zaten gevangen. Ze wilden liever niet naar zee, maar konden ook niet terug. “We besloten hierop tóch naar zee te gaan, de zeeën trotserend. Snel werd een koers uitgezet en daar is het achteraf misgegaan. Doordat de gps-coördinaten verkeerd in de kaart werden getekend, liepen we – zonder dat we dat in de gaten hadden – uit de route.” Na ongeveer vijf minuten riep de derde zeiler zijn schipper toe dat hij recht voor hen branding ontwaarde. De schipper concludeerde dat dat niet kon. “Hij zei dat het waarschijnlijk tegengestelde stromingen waren. Het is heel gek, maar dan ga je twijfelen aan wat je ziet … Die twijfel duurde echter niet lang.
 
Wat wij zagen, was geen stroming. Recht voor ons schip liep branding! Bas schrok geweldig en riep dat het roer om moest. Op precies hetzelfde moment liepen we met een harde klap aan de grond. Dát moment heeft op mij de meeste indruk gemaakt. Ons schip schoof krakend en piepend over de bodem, terwijl de zeeën ons van achteren beliepen.” Ondanks de schrik werd er snel gehandeld. Er werd een noodoproep gegeven en de motor werd hard achteruit geslagen, in de hoop weer los te komen.
 
“Wonderwel lukte dat na een paar minuten. We dreven weer, omgeven door wat in mijn beleving een kolkende watermassa was. Het was dezelfde zee als een paar minuten daarvoor, maar door wat wij hadden meegemaakt kwam de zee mij ineens een stuk angstaanjagender voor …” Gelukkig voor de zeilers arriveerden vrijwel direct drie reddingboten en een berger. “Ongelooflijk hoe snel die lui bij je zijn”, oordeelt Ruud achteraf. Zijn schipper aanvaardde een touwtje van de berger.
 
Ruud en zijn maat moesten naar het voorschip om de sleepverbinding te beleggen. “Ik zat daar op het kleine voordek, kreeg bakken water over mij heen.” De sleep kwam tot stand en Ruud kroop op handen en knieën terug naar de kuip. Daar aangekomen kwam de zeiler overeind en op hetzelfde moment werd hij door een breker overboord geslagen. “Je weet niet wat er gebeurt, het gaat te snel. Wel zag ik een van de reddingboten snel op mij afkomen. Ik dacht dat hij mij zou overvaren, maar in plaats daarvan trokken die kerels mij in één beweging aan boord. Goede chauffeur was het.”
 
Sowieso is Ruud achteraf bijzonder lovend over de redders. “Het zijn vrijwilligers. Misschien waren het boeren en postbodes. Maar het zijn ook eilanders en dat merk je: zó vertrouwd met de zee! En met een warm hart voor de geredden. Ik werd meegenomen naar Vlieland. Daar ging ik met kleren en al onder een warme douche, ik kreeg droge kleding, een kop chocolademelk, een portie frites en een paar flauwe grappen. Precies goed.
 
En toen was ik er weer. Die kerels weten precies hoe ze met mensen zoals ik moeten omgaan. Geen zwaar gedoe, precies goed. Ik was geen donateur en had geen beeld van de Redding Maatschappij. Mijn kennismaking was een ruwe. Maar ook een aangename. Fantastische lui zijn het!”

Help mee

Wat kan ik geven?