Dingeman Hendrikse

Corry van der Haven-Eikelenboom

Ik voelde uitsluitend pure zorgzaamheid

“Het optreden van de KNRM verliep precies zoals ik het mij had voorgesteld. Moet je nagaan hoe hooggespannen mijn verwachtingen waren…” Aan het woord is Dingeman Hendrikse, al ruim 50 jaar actief op het water en recent voor het eerst in serieuze problemen
 
Den Oever/den Helder, inzet reddingboten Johanna Margaretha en Joke Dijkstra
 
Aan ‘warmte’ had Hendrikse gek genoeg geen gebrek toen hij via noodkanaal 16 de hulp inriep van een reddingboot. Al varende in het Visjagersgaatje (voor Den Oever) constateerde Hendrikse brand in het achterverblijf van zijn ruim zestien meter lange zeilschip Witte Raaf.
 
“Ik was alleen aan boord, samen met de hond. Mijn vrouw was met vakantie en ik zou op de hond passen. Ik ging zeilen, maar omdat de hond het aan boord niet naar zijn zin had, besloot in naar huis te gaan. Vanaf Texel zette ik koers naar Den Oever, om binnendoor naar thuishaven Monnickendam te varen”. Zover kwam het niet. “De problemen begonnen toen het stuurautomaat uitviel. Achteraf natuurlijk door verbrande bedrading, maar dat wist ik toen nog niet. Het schip ging ineens 180 graden in de rondte! Vreemd, maar op zich niet problematisch. Ik besloot gewoon op de hand verder te sturen. Fok uit, motortje bij en verder varen”.
 
Staand in de kuip en achteruit kijkend naar naderende scheepvaart, werd Hendrikse geconfronteerd met het daadwerkelijke probleem: Uit het toegangsluik naar het achterverblijf kwam rook. “Ik opende het luik en zag een fikse brand. Met emmers water probeerde ik de brand tegen te gaan, maar er was geen houden aan. Dus sloot ik het luik weer toe en alarmeerde de hulpdiensten”. Terwijl de reddingboot van Den Oever onderweg ging en de reddingboot van Den Helder in de haven op brandweerlieden wachtte, bereidde Hendrikse zich voor op een mogelijke evacuatie. “Ik deed mijzelf en de hond een reddingvest om en zette een vlot klaar in het gangboord. Op die manier waren we op het ergste voorbereid. En aansluitend arriveerde de reddingboot Johanna Margaretha, niet veel later gevolgd door de viskotter WR 111.
 
“Omdat ook de blusactiviteiten van de reddingbootbemanning geen succes hadden, werd in overleg besloten dat de hond en ik van boord gingen. De reddingboot kwam langszij en zette mij en de hond even later af op een marineschip, dat in de buurt stand-by lag. Daar werd in prima verzorgd. Diezelfde zorg viel mij trouwens ook op bij de redders. Je verwacht misschien ruig volk, maar het tegendeel is waar. Er viel geen onvertogen woord, naar de oorzaak of naar eventueel falen van mijn kant werd niet gevraagd; ik zag én voelde uitsluitend pure zorgzaamheid. Héél bijzonder om mee te maken. En tegelijkertijd had ik eerlijk gezegd niet anders verwacht. Blijkbaar waren mijn verwachtingen – ik ben al tientallen jaren donateur van de KNRM – hooggespannen”.
 
Terwijl Hendrikse op het marineschip werd verzorgd, werd op de Witte Raaf de brand geblust. Aansluitend nam de reddingboot Joke Dijkstra van Den Helder het schip langszij en leverde de ernstig beschadigde Witte Raaf in Den Oever af. “Jammer, natuurlijk”, constateert de schipper. “Maar ik heb er geen moment over ingezeten. Ik was blij dat ik mijn dochter kon bellen dat alles goed was afgelopen met mijzelf en de hond. Mede dankzij de redders. En dus deed ik met graagte mee aan de voorjaarsactie in De Reddingboot en doneerde een PLB. Je wilt gevoelsmatig toch iets terugdoen voor het prachtige werk van die mannen…”

Help mee

Wat kan ik geven?