Familie Heuvelman

Image

Eén ding was maar belangrijk: De kinderen moesten op tijd boven zijn

Terwijl het water met bakken de woonkamer van hun schip binnenstroomde, liep Margrieta Heuvelman door het water de kamer van haar jongste dochter binnen, ondertussen haar andere kinderen wakker schreeuwend.
 
Terwijl in de hal de wind rond gierde, kwam de volgende golf op de kapotgeslagen deur af rollen. "Eén ding was maar belangrijk: De kinderen moesten op tijd boven zijn."
 
Teunis en Margrieta HeuvelmanTeunis en Margrieta Heuvelman hadden al ruim een week de kinderen aan boord, toen zij op hun reis van IJmuiden naar Eemshaven met stormweer het IJsselmeer moesten oversteken. Teunis: “Er liepen zeeën van anderhalve meter, met uitschieters naar twee meter. Ons schip kon dat prima hebben, er was geen vuiltje aan de lucht.”
 
Dat veranderde abrupt toen Heuvelman op de marifoon een collega-binnenvaarder om hulp hoorde roepen. “De Rudolf Thea vroeg of wij snel bij hen wilden komen.” Bij het Duitse binnenvaartschip waren de dekluiken kapotgeslagen, waardoor de golven ongehinderd naar binnen liepen. Heuvelman besloot zijn collega lij te geven en zo de golven op te vangen. Ondertussen was het wachten op de KNRM. De reddingboot Kapiteins Hazewinkel uit Urk arriveerde tien minuten later. “We zagen hoe opstappers oversprongen op de Rudolf Thea. Eén man ging naar beneden, de anderen klommen aan dek in een poging de luiken te zekeren.”
 
Na enkele minuten volgde een kort overleg. Besloten werd de koers te verleggen naar de Houtribdijk, in de hoop daar enige beschutting te vinden en daar beter weer af te wachten. Daarbij kregen de schepen gezelschap van een sleepboot van Mammoet. Aangekomen in de buurt van de dijk, bleek dat de schepen als gevolg van de diepgang niet kort genoeg onder de dijk konden komen om beschutting te vinden. De schepen moesten dus opnieuw bakboord uit, richting Lelystad.
 
“Wij rondden mee in de wetenschap dat we daarmee zelf gevaar liepen. Ons ‘zwakke punt’, de deur van ons verblijf, kwam daardoor aan loefzijde te liggen. We besloten dat risico te nemen. Niets doen zou immers betekenen dat de Rudolf Thea het nog veel moeilijker zou krijgen en dat wilden wij niet op ons geweten hebben.” Het noodlot sloeg al snel toe. Teunis: “Ik hoorde beneden een enorme klap, gevolgd door het geluid van wind, water en glasgerinkel. Dat kon maar één ding betekenen: de deur was eruit geslagen en we maakten water!”
 
Voor Teunis was dit het moment om afscheid te nemen van de Rudolf Thea. “Ik móest wel voor mezelf kiezen en draaide het schip met de kop op zee, zodat er al snel geen nieuw water meer naar binnenkwam.” Margrieta ploegde door het water naar de slaapkamers van de kinderen, onophoudelijk roepend dat de kinderen direct naar boven moesten gaan. Na enkele spannende minuten zat het hele gezin boven in het stuurhuis. “Vrijwel op hetzelfde moment kwam de reddingboot Willemtje langszij. Twee opstappers meldden zich in de stuurhut. Eén richtte zich volledig op de kinderen, de ander had doorlopend contact met de Kapiteins Hazewinkel voor overleg. En beneden gingen opstappers aan het werk om water te lozen en persoonlijke spullen in veiligheid te brengen. Allemaal even professioneel, doortastend en rustig.”
 
Sowieso zijn de Heuvelmans bijzonder lovend over het optreden van de reddingbootbemanningen, ook die van Lemmer en Enkhuizen. Teunis: “Ik heb er met verbazing naar gekeken, ook hoe zij op de Rudolf Thea aan het werk waren. Ik ben zelf helemaal niet bang uitgevallen, maar toen ik zag hoe die kerels te midden van die over komende zeeën aan dek bezig waren, kreeg ik daar wel ontzag voor.” Toen zijn zoon daags na het ongeluk het reddingrapport op www.knrm.nl voorlas, brak de schipper.
 
“Als donateur hebben wij al honderden van die rapporten gelezen. En ineens gaat het over jezelf. Dat was confronterend en emotioneel. Maar het stemt ons ook dankbaar. Die mannen hebben enorm goed werk geleverd.”

Help mee

Wat kan ik geven?