Nieuws van 2 januari 1946

1 januari 2022

SCHIPPER COEN BOT LEGT ZIJN TAAK NEER
Van vader op zoon……….

Oudejaarsdag 1945 had voor de schipper van onze “DORUS RIJKERS” wel een bijzondere betekenis. Deze dag sloot namelijk voor hem niet alleen een jaar af, maar betekende voor hem het einde van zijn loopbaan als schipper. Dat einde kwam niet onverwacht. Reeds 4 jaar geleden bereikte Coen Bot de leeftijd, waarop hij met pensioen had kunnen gaan; die van 60 jaar. Thans echter nu de oorlog voorbij is, moet de zware stap maar worden gezet. De stap terug van de reddingboot naar de wal. Het is heel wat jaren geleden dat Bot die andere stap maakte, van de wal in de reddingboot, toen natuurlijk om als roeier mee te varen. Dat was in 1900.

Tochten in stilte

Tussen die eerste en die laatste stap liggen 141 reizen met de reddingboten van de N.Z.H.R.M, en het is merkwaardig dat de meeste van deze reizen gemaakt werden, zonder dat later het grote publiek ervan op de hoogte gesteld werd. Wanneer een geslaagde reis was gemaakt, waarbij schipbreukelingen aan land konden worden gebracht, dan werd er in de stad over gesproken, en werd er over geschreven. Dat gebeurde niet, wanneer en reis tevergeefs gemaakt was, omdat op het laatste moment het noodsein werd ingetrokken. Het was een hard gelag, urenlang met zwaar weer, harde storm en hoge zee te hebben gepeesd, en eindelijk het in nood verkerende schip te hebben bereikt, om dan te moeten terugkeren met de wetenschap, voor niets te hebben gevaren. Het was natuurlijk wel een dankzegging waard dat het andere schip behouden bleef en op eigen kracht verder kon gaan, maar desondanks gaf zo'n tocht voor de reddingbootbemanning geen bevrediging. Een record aantal geredden.

Coen Bot heeft echter 64 reizen gemaakt, die werkelijk als reddingen kunnen worden beschouwd. In 15 gevallen is het in nood verkerende schip geheel verloren gegaan, In die 64 reddingen heeft Coen Bot in totaal 640 man aan wal gebracht, zoals voldoende bekend is, een record, Daarbij waren 239 Hollanders, 190 Duitsers, 80 Zweden, 79 Engelsen, 24 Italianen, 16 Denen en 12 Fransen.
De "Dorus Rijkers" heeft het gepresteerd, om in één reis 58 schipbreukelingen mee te nemen, wat een formidabel getal is, wanneer we bedenken dat het scheepje maar en goede 18 meter lang is. Zo'n getal is natuurlijk een zeldzaamheid. Het is ook meermalen voorgekomen dat er niet meer dan drie of vier man werden overgenomen. Het meest teleurstellend waren vanzelfsprekend de tochten, waarbij ondanks de hardste inspanning niet alle schipbreukelingen konden worden gered.
Zo bijvoorbeeld de tocht naar de „Charles José", een Belgisch vaartuig dat omsloeg, nog voordat de reddingboot in de nabijheid was. De gehele bemanning kwam in de golven om, behalve de kapitein, die kans gezien had in een sloep te komen, en daarna kon worden opgepikt.

Vele herinneringen,

Schipper Bot heeft een uitgebreid plakboek, met krantenknipsels, brieven en foto's, die tastbare herinneringen vormen van die vele meer of minder glorieuze tochten, die alle in het teken stonden van het verlenen van hulp aan in nood verkerende. En we kunnen ons voorstellen dat Bot talloze malen dat plakboek doorbladert, om zich nog eens die honderden uren van worstelen tegen de elementen voor de geest te halen. En we zijn er zeker van dat in de komende tijd, als Bot van zijn welverdiend pension genieten gaat, datzelfde plakboek nog ettelijke keer op tafel zal komen.

De nieuwe schipper

Het zal Bot ongetwijfeld een grote genoegdoening geven, te weten dat nu zijn zoon Piet, die jaren lang stuurman geweest, voortaan als schipper zal optreden op de „Dorus Rijkers".
Zodoende kan hij zich terdege op de hoogte houden van het wel en wee van de reddingboot en haar dappere bemanning.
Ja, die Piet Bot wordt er ook al zo langzamerhand een oude rot in. Hij is nog jong, pas 31 jaar, maar reeds zeer vele malen al hij mee geweest ter redding. Op 25 oktober 1933, dus op 15-jarige leeftijd, maakte hij voor het eerst officieel een reis met de Dorus mee wel als overcompleet opstapper, dus zoiets als “jongste” bediende", maar toch in dienst van de Maatschappij. Dat was echter niet de eerste maal dat hij meevoer, want boze tongen fluisteren dat hij al met vader mee uitging toen hij nog amper lezen of schrijven kon

 

Generale repetitie

In de Jaren dat hij stuurman van de „Dorus" is geweest, heeft hij het klappen van de zweep wel geleerd. Eenmaal in het voorgekomen, dat hij zelf de leiding van een redding had. Dat was op
4 december van het vorige jaar, toen vader Bot met de Dorus op Texel lag voor reparatie en er ergens onder de kust en Duitse gewapende trawler in nood verkeerde. De Duitsers in Den Helder pakten de zaak in de haast helemaal verkeerd aan, ze vergaten schipper Bot te waarschuwen, die anders prompt van Texel was uitgevaren. Wel zenden ze tenslotte een boodschap naar Van Ewijcksluis, waar de familie Bot geëvacueerd was. Piet Bot startte direct op de flets naar Den Helder, kreeg onderweg zelfs nog een lekke band, en kon eindelijk, tezamen met ’Eelman en Runnenburg’ zee kiezen in de kleine motorredding vlet “C.K. Baas” achter een sleepboot aan. Er was door bet Duitse getreuzel zoveel tijd verloren gegaan dat van de bemanning van de Voorpostenboot inmiddels 21 man over boord geslagen en verdronken waren. Eén man had zwemmende de wal weten te bereiken. De "C.K. Baas" kon met veel moeite de vier overgebleven mannen aan boord nemen, die meer dood dan levend waren.
We kunnen overtuigend zijn dat de taak van schipper Coen Bot door een waardig opvolger wordt overgenomen.
Schipper Piet Bot, we wensen u een behouden vaart op de tochten, die u met de „Dorus Rijkers" of met de “C. K. Baas" zult moeten ondernemen. Houdt steeds het fiere voorbeeld voor ogen dat uw vader gegeven heeft in vijf en veertig jaren van harde onder vorming
En gij, schipper Coen Bot, more gij nog vele jaren genieten van een onbezorgde levensavond, In en vredige wereld.