Man over boord

Wat er gebeurde in die stormnacht vertelt Hans zelf.

Hans Westenberg vertelt: De kustvaarder Nova I is na een explosie in het schip langzaam zinkende. De sleepboot Smitlloyd 32 heeft een sleepverbinding gemaakt en is onderweg naar de Eems. Ten noorden van de uiterton Westgat ontmoeten we de schepen en blijven stand-by. Af en toe slaat een golf over achterschip en luiken van de Nova 1. Als we op de Eems zijn aangekomen, maakt een tweede sleepboot vast op de kont van de coaster. Ook de Duitse reddingboot Alfried Krupp voegt zich bij het gezelschap. Wij gaan terug naar Lauwersoog.

Image

 

Op de terugweg krijgen we een paar zware buien over. Inmiddels is het donker geworden. Na de buien lijkt de zee een stuk verbeterd. Voor het Westgat tussen Schiermonnikoog en Ameland ga ik met Anno Baas aan dek om met z'n twee├źn de stopzak uit te brengen. Dan zie ik een zware breker komen. Ik houd mij aan een luikhoofd vast. De zee komt over. Niets aan de hand. Nu snel de de tros om beleggen op de beting. Op dat moment zie ik in mijn ooghoek een gigantische breker dwars op ons aankomen. Ik schreeuw een waarschuwing naar Anno en klem mezelf vast aan de reling van het brugdek. Dan wordt de reddingboot door de golf gegrepen. Ik kan nog even vasthouden en spoel dan overboord. Naar ik later hoor is de boot platgeslagen en vallen de motoren stil.

Als ik boven kom uit de maalstroom zie ik mijn reddingboot op zo'n 40 meter afstand. Dan verdwijnt hij achter een hoge golf. Ik probeer eerst mijn ademhaling onder controle te krijgen. Ik blaas mijn reddingvest op en probeer het flitslicht op het vest in werking te stellen. Dan komt de volgende breker en ga ik weer diep onder water. Door het geweld van van de golf wordt het reddingsvest bijna over mijn hoofd gerukt.

Een levensreddende houding

Ik word onder water rondgedraaid als in een wasmachine. Dan kom ik weer boven en haal adem. Ik probeer mijn noodsignaal uit het overlevingspak te krijgen. Ik steek het direct af omdat ik bang ben het in de eerstvolgende breker te verliezen. Later hoorde ik dat de bemanning op de reddingboot mijn vuursignaal hebben gezien. Dat gaf ze hoop. In de vele brekers die volgen - ik denk tussen de twintig en dertig kleine en grote - houd ik mijn handen om het reddingvest geklemd en druk met mijn rechter duim en wijsvinger mijn neus dicht. Door deze houding is ook mijn mond enigszins afgedekt door mijn handen, zodat ik geen water binnenkrijg. Tussen de brekers door zijn er gelukkig ook een paar vrij lange rustige periodes.

Image

Tussen hoop en wanhoop

Ik kan mijn situatie overdenken. Het ziet er niet rooskleurig uit. Mijn eigen reddingboot of andere schepen kunnen hier absoluut niets voor mij doen. Misschien kan een helikopter mij kan ontdekken. Ik staar in een prachtige sterrenhemel en zie het licht van de vuurtoren van Schiermonnikoog. Ik weet dat ze daar ook hun best voor mij doen. Dat maakt de eenzaamheid minder erg. De kou wordt langzamerhand erger en op een bepaald moment begin ik heftig te rillen. Dan hoor ik een helikopter aankomen. Ik zie het zoeklicht maar hij vliegt snel langs me heen en verdwijnt uit het zicht. Hoop slaat om in wanhoop. Ze hebben me niet gezien!

Een mirakel

Voor de tweede keer vliegt de heli snel over en verdwijnt weer uit het zicht. Angst slaat me om het hart. Maar dan komt de heli langzaam aanvliegen met een redder aan de kabel. Een heerlijk moment. We grijpen elkaar vast en de heliredder doet de sling onder mijn armen. Ik reageer wat traag. Dan komt er een breker over en even later nog een. We tollen samen rond onder water. Als de breker voorbij is, zit de stalen hijsdraad om mijn arm gewikkeld en hangt de redder aan mijn benen. Op dat moment worden we opgehesen. Ik voel een snijdende pijn in mijn linkerarm en schreeuw het uit. Mijn hand komt tegen de lier en mijn pols breekt. We worden samen naar binnen getrokken. Ik ben dolgelukkig.

Lees verder hoe dit afliep.

Image